Onderzoek naar klassenjustitie in Nederland

Klassenjustitie

Op 20 en 22 november 2018 werd in de Tweede Kamer gedebatteerd over de begroting van Justitie en Veiligheid 2019.

De heer van Nispen (SP) diende  een motie in voor een onderzoek naar klassenjustitie in Nederland en de heer Azarkan (DENK) stelde de verzwegen bijbaantjes van rechters ter discussie. In beide gevallen adviseerde minister Dekker om deze moties niet aan te nemen. De minister liet de heer Azarkan weten dat rechters weliswaar hun bijbaantjes moesten opgeven, maar dat het niet aan de politiek was om daar op toe te zien en verwees daarvoor naar de Raad voor de Rechtspraak. Insiders (inclusief een aantal Kamerleden) weten inmiddels dat de RvdR er alles aan gedaan heeft om dit te verdoezelen.

Tijdens het debat kon minister Grapperhaus het niet nalaten om naar het Word Justice Rule of Law Index onderzoek te verwijzen waarin Nederland zo goed uit de bus kwam met de rechtspraak. Triest dat hij heel goed had kunnen weten  dat het WJP Rule of Law Index onderzoek niet deugt en toch niet kan nalaten om de Tweede kamer voor de gek te houden met dit fake onderzoek. Maar daarmee bevindt hij zich in goed gezelschap. Ook mr. Frits Bakker, de scheidend voorzitter van de RvdR, kon het onlangs  op tv niet nalaten te zeggen dat Nederland het internationaal best goed doet met de  rechtspraak, terwijl de RvdR allang heeft moeten toegegeven dat de vraag terecht is “welke waarde je aan dit onderzoek kunt hechten?”. Ook een aantal Tweede Kamerleden die bij de debatten  aanwezig waren wisten dit en toch interrumpeert niemand  de minister en zo wordt iedereen, inclusief de onwetende burger,  voor de gek gehouden.

Op 27 november j.l werd over de ingediende moties gestemd. De motie van de heer van Nispen werd aangenomen en die van de heer Azarkan verworpen.

Dat de motie van de heer Azarkan is afgewezen mag toch vreemd genoemd worden. In 2013 werd er in Trouw opnieuw aandacht besteed aan betaalde cursussen door rechters op advocatenkantoren. Dit verschijnsel duikt steeds opnieuw weer de kop op, ook in 2018, maar de Raad voor de Rechtspraak heeft er blijkbaar niet zo’n moeite mee. Zolang de slager zijn eigen vlees mag keuren,  kunnen rechters ongestraft hun gang gaan als ze dit soort nevenverdiensten verzwijgen.

Het is nu alleen de vraag wie dat onderzoek naar klassenjustitie gaat uitvoeren.

Een onafhankelijke onderzoekscommissie of de Raad voor de Rechtspraak/WODC?

In het laatste geval staat de uitkomst al vast en kan de minister de Tweede Kamer voorhouden dat er niets aan de hand is en Nederland al jarenlang terecht hoog scoort op de ranglijst van het World Justice Rule of Law Index onderzoek.

Maar in het algemeen is en blijft de vraag hoe je klassenjustitie definieert.

Gaat het over alle uitspraken en vervolging van alle rechters en OvJ’s ( een economisch sterke partij versus individu) of over individuele rechters met hun eigen belangen en voorkeuren en hun oneerlijke maar juridische relevante en bindende uitspraken?

Het een is onmogelijk te onderzoeken en het andere noemen ze de schijn van partijdigheid.

Wat betreft het OM: rechters en hoge mijnheren van multinationals/banken/kerk worden niet, bijstandtrekkers worden wel vervolgd voor meineed. Er is een enorme willekeur wanneer het OM wel of geen actie onderneemt of vervolgt of schikt. Als je dat klassenjustitie noemt dan is er helemaal geen onderzoek nodig!

Op  http://watunietindekrantenleest.com zijn een aantal  artikelen te lezen waaraan een onderzoekscommissie niet aan voorbij zou mogen gaan.

Een gedachte over “Onderzoek naar klassenjustitie in Nederland

Voeg uw reactie toe

  1. Blijkbaar durven NL juristen niet zo gauw rechters te bekritiseren. Slecht voor je loopbaan ! En bijgevolg zul je NL juristen niet horen over Klassenjustitie.
    Als Haagse I.E. rechters aan klassenjustitie doen, dan zwijgen bijna alle juristen. Beetje dom ! Zie het Epiloog van prof. AA Quaedvlieg bij arrest Technip vs Goossens in magazine AMI 2006 P 161. Quaedvlieg schrijf expliciet dat de NL rechter een reflex van afkeuring toont igv een oud-werknemer als startende ondernemer zijn ex-werkgever beconcurreert. Immers deze startende ondernemer heeft recht op vrije uitoefening van beroep en bedrijf. Zo wordt dan de oud-werkgever bevoordeeld Dat is klassenjustitie. Alleen Quaedvlieg is dit opgevallen, verder stoort het blijkbaar niemand…

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: