Ook de rechterlijke elite doet aan normvervaging

Spiegeltje 3

Dit artikel is ook aangeboden aan het Nederlands Juristenblad (NJB)

Intro (red.)

Al jarenlang volgt jurist mr. Paul Ruijs de rechtspraak met argusogen en deinst er als een van de weinigen niet voor terug om mistoestanden binnen de rechterlijke macht aan de kaak te stellen.  In 2001 was Ruijs dan ook te gast in het tv-programma ‘Het Zwarte Schaap” van de VARA, in 2017 bij “Café Weltschmerz“ en is auteur van de boeken “We zien u wel in de rechtszaal” en “Medische missers Juridisch gesjoemel”.

De rechterlijke macht kenmerkt zich als een schaamtecultuur die  geen kritiek kan  verdragen en waarin men elkaar niet snel afvalt.

Ruijs blikt in het onderstaande stuk terug op 30 jaar ervaring met de rechterlijke macht.

door mr. P.P.M. Ruijs

Ook de rechterlijke elite doet aan normvervaging

De rechter(lijke macht) kan nog steeds niet tegen kritiek en heeft geen enkele zelfkritiek. Mijn eerste ervaring als juridisch adviseur met de rechtspraktijk dateert uit 1988. Ik kwam in de rechtszaal een kantonrechter tegen die ik herkende als lokale advocaat. Later werd pas duidelijk dat de advocaat van de wederpartij zijn kantoorgenoot was en dat de “onafhankelijke” rechter diens verhaal belangrijker vond dan de feiten. In de beruchte Ohra zaak troffen in de rechtszaal van het gerechtshof Arnhem ook twee advocaten van hetzelfde kantoor elkaar als raadsheer en advocaat van Ohra. En om niets aan het toeval over te laten had de voorzitter een betaalde bijbaan bij Ohra. Later zou met het IRM rapport worden bevestigd dat het hier een staande, nogal achterbakse praktijk betrof. Kranten lezende leken met het juiste onderbuikgevoel snapten dat meteen, alleen de dames en heren in toga deden alsof ze geen flauw benul hadden wat het probleem was. Ze spraken over een ‘ongelukkige’ beeldvorming en noemden het consequent geen partijdigheid, maar “schijn van partijdigheid”. Daar weten ze dat klassenjustitie en partijdige rechtspraak in Nederland immers niet (meer) voorkomt, zonder aan te kunnen geven sinds wanneer dan.

Dat het zo werkte stond niet in de lesboekjes en sindsdien kreeg ik, vooral bij ‘idiote’ uitspraken, belangstelling voor de persoon van de dienstdoende rechter en diens besognes buiten de rechtszaal. Maar ook voor de vraag wie en hoe zaken eigenlijk worden toegewezen. Rechters maken zichzelf verdacht. Tenminste, als een rechter zonder tekst en uitleg kassabonnen niet als bewijs van aankoop accepteert, roept hij zelf vragen over zich af vanwege zijn idiote uitspraak. Achteraf blijkt dan dat hij vanuit een nevenfunctie regelmatig aan tafel zat met de door hem in het gelijk gestelde partij wiens bedrijfsjurist en advocaat ook nog als plaatsvervangend rechters kind aan huis waren in zijn raadskamer. Maar ook de tuchtrechters die m.b.t dezelfde verdwenen som geld zowel een advocaat (tevens rechter) als een notaris gelijk gaven die respectievelijk beweerden dat het geld wel/niet in depot was gestort, deugen niet. Alleen de beroepsorganisaties van advocaten en notarissen vinden het eigen tuchtrecht van amices onder elkaar een prima systeem. En als een kortgeding rechter een lange ingewikkelde zitting zonder griffier doet en blijkbaar kán doen, dan deugt het bij die rechtbank ook niet. Vooral als na afloop ook nog eens een conceptvonnis circuleerde bij de advocaat (ook rechter) van de door hem in het gelijk gestelde partij. Zo moeilijk is het nu ook weer niet om partijdigheid vast te stellen. Dat snapte Ohra toen ook want buiten de publiciteit betaalde de verzekeraar onverplicht (het hoger beroep was immers succesvol geweest) de schadevergoeding aan de gedupeerde.

In vergelijking met ons omringende landen valt Nederland qua systeemwaarborgen voor een  onafhankelijke rechtsgang uit de toon (Rechtspraak anno 2014, NJB 26/9/2014). Polen en Denemarken kennen i.t.t. Nederland strengere eisen qua aantal, soort en beloning van nevenfuncties. En de Polen op hoge toon bekritiseren over de scheiding der machten is zo typisch Nederlands als je weet dat hier op het hoogste niveau mr E. Numann, vice president van de Hoge Raad de ene dag jurisprudentie over auteursrecht schreef om een dag later en een deur verderop betaalde adviezen te geven aan het ministerie als voorzitter van de Commissie Auteursrecht. Het maakte hem met al die rijks- en gemeente ambtenaren en eerste Kamerleden die tevens voor rechter speelden overigens niet uniek. De toewijzing van zaken is elders zelfs grondwettelijk geregeld. Daar had Mr Kalbfleisch nooit bij griffier Van der Togt binnen kunnen stormen met de eis dat zijn vriend/collega Westenberg de Chipsholzaak moest doen. Hij maakte daarmee duidelijk dat achter de façade van onpartijdigheid het zakelijke/ persoonlijke netwerk van rechters in veel zaken de bepalende factor is voor de afloop van rechtszaken.

En laten we wel wezen. Rechters hebben veel macht en doen belangrijk werk maar de ‘toga-juristerij’ is intellectueel gezien nogal een overgewaardeerde tak van sport. De moslimmoeder die over discriminatie klaagde toen ze haar kinderen vanwege een islamitische feestdag thuis hield net op de dag dat de schoolfoto werd gemaakt, is net zo wereldvreemd als die kantonrechter die haar daarvoor € 500 schadevergoeding toekende. Dat soort rechters komen ook door de selectie en halen veel van het magistratelijke weg. Gelukkig kwam in hoger beroep het gezond verstand boven drijven en werd de boete geschrapt.  Soms staan rechters voor een moeilijke afweging maar dat staan chirurgen, politieagenten of piloten ook. Alleen jongens en meisjes die dan maar rechten gingen studeren (een andere studie was meestal te hoog gegrepen) doen je graag geloven dat je daardoor tevens wijs en integer bent geworden. Eigenlijk ontkracht de rechtspraak zelf die mythe door het ambt op grote schaal open te stellen voor plaatsvervangende rechters die het leuk vinden om ‘het erbij te doen’ en  full time rechters tenminste tijd hebben voor hun vele betaalde nevenbaantjes. Een bedrijfsjurist van Grolsch vond het ook wel leuk en nog vreemder, mocht om die reden ooit voor rechter spelen. Ondenkbaar in een wereld met echte professionals dat een veearts of purser even als chirurg of vlieger invalt. Rechters zorgen er bovendien qua taakopvatting zelf wel voor dat ze niet als professionals moeten worden gezien. Als de hele beroepsgroep een gedragscode nodig heeft dat ze geen geschenken en giften moeten aannemen van procespartijen (= regelrechte omkoping) én geen zaken moet behandelen waarbij je partner, familie of nevenactiviteiten betrokken zijn, dan snappen ze er niet zoveel van. Het is namelijk niet erg opportuun om alle leden van de groep aan te spreken op uitzonderlijk gedrag als slechts een enkeling zich daaraan schuldig zou maken. Het gaat dan ook om een groter probleem dat men kennelijk uit angst voor de beeldvorming niet durft aan te pakken en waarvoor men wegvlucht in boterzachte, niet-afdwingbare gedragscodes. Dat rechters langs die weg ook meegedeeld moet worden dat hun declaraties juist en volledig dienen te zijn, is ook al niet erg magistratelijk en illustreert slechts dat ook ambtenaren in toga met een vork declareren.

Het grote manco is dat rechters zonder gêne ongestraft en probleemloos niet alleen gedragsregels maar ook jarenlang de wettelijke regel overtraden, en het vertikten om hun lucratieve nevenfuncties fatsoenlijk te beschrijven en openbaar te maken. Op de vraag of die functies bezoldigd zijn geeft bijvoorbeeld de Amsterdamse raadsheer mr A.V.T. de Bie m.b.t. zijn 6 nevenfuncties al jaar in jaar uit aan: onbekend! Hoezo onbekend? Bij de fiscus? Zijn baas? Zijn vrouw? Vergelijk dat eens met die piloot die werd gecontroleerd op drankgebruik, gearresteerd en gevangen gezet. Die had geen drankprobleem maar werd uiteindelijk door een rechter ontslagen omdat bij hem (en zijn collega’s net niet) 0,27 promille restalcohol van de avond daarvoor was gemeten. Een overschrijding van 0,07 promille en dan zijn volgens de rechter regels nu eenmaal regels, ook al wordt daarmee rücksichlos het leven/de loopbaan van een 30-jarige verwoest. Rechters die de wet en daarmee hun ambtseed negeren deugen niet en hebben moreel geen enkel gezag en recht van spreken. Evenals al die juridische bolwerken met hun ronkende teksten over integriteit en professionaliteit. In werkelijkheid verdoezelen al die gedragsregels en –codes de incompetentie om op te treden.  Sterker nog, wetsovertreders worden een handje geholpen. Zelf een gortdroge mededeling op de site van de RvdR blijkt misleidend te zijn. Het kan voorkomen dat een rechter sinds kort een andere rechterlijke functie of nevenfunctie heeft  en het register dit jaar nog niet is bijgewerkt. Het actualiseren van het register gebeurt elk  jaar”. Als in augustus 2018 een raadsheer betrapt wordt op een jarenlang verzwegen adviespraktijk doet de RvdR alsof het een in 2017 opgegeven nevenfunctie betrof die nog verwerkt moest worden. Enkele maanden later wordt de bijbaan alsnog zichtbaar in het register. Zo brengt de RvdR o.l.v. voorzitter Bakker het register op ‘magistratelijk domme’ wijze alsnog op orde omdat – even checken- er bewijs voor handen was dat het een al meer dan 3 jaar oude, verzwegen bijbaan was. In dit beeld past tevens de valse claim van de RvdR in onder meer de Volkskrant dat Nederland op gezag van het World Justice Project de beste civiele rechtspraak van de wereld zou hebben. Ook hier even checken en navragen en blijkt er (logisch) helemaal geen onderzoek te bestaan naar de civiele rechtspraak in de wereld. Maakt niet uit: met de minister gewoon hard blijven roepen dat we de beste rechtspraak van de wereld hebben om kritiek te smoren. Onlangs heeft de SP Kamervragen gesteld naar dit neponderzoek dat door de gemeente den Haag – de stad van recht en vrede –  als enige overheidsinstelling werd gesubsidieerd. Want net als in de rechtspraak geldt ook hier: wie betaalt bepaalt en Ignorence gets them in trouble, arrogance keeps them there.

Want typisch voor rechters is dat geklaag over werkdruk, wachttijden, de beeldvorming, de zelf veroorzaakte financiële puinhoop en de obligate zorgen over de kwaliteit van de rechtspraak, zonder enig benul van de ‘top’ waar een deel van hun personeel overdag uithangt en bijverdient. Op advocatenkantoren bijvoorbeeld, waar ze worden omgekocht  ingehuurd om tegen een forse vergoeding advocaten bij te brengen hoe je rechters in de rechtszaal het beste kunt misleiden beïnvloeden. Alsof politieagenten overdag tegen betaling leden van een motorclub uitleggen hoe en waar je het minste last hebt van hun collega’s op straat. En ook hier weer die valse zorg voor een onafhankelijke rechtspraak. Als in 2013 via de FIOD als bijvangst bekend raakt dat de liegende rechter Westenberg onder werktijd – met medeweten van zijn baas(?) – vele duizenden euro’s bijverdiende op advocatenkantoren, dan vindt ook de RvdR die situatie “niet wenselijk”. Alsof dát indruk maakt. Het was dan ook voorspelbaar dat in 2017 zelfs met medewerking van leden van de Hoge Raad een Pleitacademie werd opgericht waar “…een select team van (6) vooraanstaande (actieve) rechters…” in besloten omgeving, o.a. vertrouwelijke in company trainingen geven aan……advocaten! Vanwege voortschrijdend inzicht had de RvdR nu blijkbaar geen probleem meer met de onverenigbaarheid met het rechtersambt. En….. uiteraard was er op één rechter na (naïef of eerlijk?) niets terug te vinden van deze lucratieve hobby van de overige 5 in het bijbanenregister van de RvdR.

Mr. A.H. van Delden oud- rechtbank president merkte bij zijn benoeming als eerste voorzitter van de RvdR op het vreemd te vinden dat er nog nooit een rechter was ontslagen. Nogal hypocriet voegde hij in zijn nieuwe functie daaraan toe dat dat maar eens moest gebeuren omdat het niet zo was dat alle rechters goed functioneerden. Met types als Westenberg en Kalbfleisch om zich heen wist hij over wie hij het had. Zelf was hij ook niet vies van een intimidatie en leugentje meer of minder maar zijn eigen disfunctioneren kwam onlangs op 23/11 alsnog in het nieuws. De Hoge Raad had blijkbaar geen reden meer om oud-rechters in bescherming te nemen en veegde de vloer aan met zijn besluit  uit 2004 om de liegende en intimiderende collega Westenberg op kosten van de belastingbetaler te laten procederen tegen advocaat Hugo Smit. Het duurde even maar nu zag zelfs de Hoge Raad in dat Westenberg glashard had gelogen over zijn intimiderende telefoongesprek met Smit. Maar de volstrekte willekeur in de rechtspraak (het is tenslotte geen wiskunde) brengt met zich mee dat in de strafrechtelijke variant de meineed van Westenberg weer niet bewezen ‘kon’ worden! En oud-griffier van der Togt, die de partijdigheid van Westenberg aan het licht had gebracht was op 30/10 jl zelfs door het gerechtshof in den Bosch nog veroordeeld om €125.000 schadevergoeding te betalen aan Westenberg! Met zulke ‘onafhankelijke’ raadsheren leer je het wel af om misstanden binnen de rechterlijke macht aan te kaarten. Onder het mom van onafhankelijkheid kan immers iedere rechter zijn persoonlijke mening en voorkeur tot norm verheffen terwijl de hele kwestie toch met een douw van Westenberg in de kiem gesmoord had kunnen worden. In plaats daarvan vraagt Hugo Smit nu zo’n €5 miljoen schadevergoeding omdat – leve de werkdruk(!) – Van Delden c.s. er een 18 jaar durende, tijdrovende, kostbare puinhoop van maakten met blijvende reputatieschade. En …. oud-griffier Van der Togt moet dan nog in cassatie omdat de Bossche raadsheren dat zelf uitlokten en maar hopen dat ze daar dezelfde rechters treft als Hugo Smit.

Verbaasd en gekwetst zijn als nogal wat mensen – al dan niet met een geel hesje –  het helemaal gehad hebben met de overheid, ambtenaren, politici of in dit geval magistraten en advocaten? Vooral die ‘talking heads’ in praatprogramma’s  durven al helemaal geen kritiek op verkeerde rechters te geven omdat ze dankzij hun procesmonopolie en perverse uurtje factuurtje systeem geen belang hebben bij eerlijke maar vooral bij lange, ook zinloze processen. Inclusief hoger beroep als hun klant daar financieel tenminste nog toe in staat is.

7 gedachten over “Ook de rechterlijke elite doet aan normvervaging

Voeg uw reactie toe

  1. Zo in dit rijtje ‘ Koninklijk’ voor wat betreft advocaten en hun ‘ inspanningsverplichting’ , urenverantwoording en ‘ uitleg ‘ van de wet; dan volgt
    een nepnotaris die als uitvoerend notaris ondertekend, vervolgens door Hof A’dam Kamer Notariaat wordt weggeredeneerd, om -ocharm-de aangesproken verantwoordelijke notaris te vrijwaren…Nog meer voorbeelden?
    De rechter oordeelde tot een ‘convenant’ en daarnaast een ‘niet-wijzigingsbeding’, terwijl geen enkel document ooit door beide partijen is ondertekend! Bovendien is geen enkel bewijs van een schriftelijk document geleverd. Rechter… naleven van de wet? Schriftelijkheidsvereiste? Onroerend goed leveren, schriftelijheidsvereiste?
    Leg mij eens uit…..

    Like

  2. Beste Paul, in tijden van universeel bedrog is het publiceren van de waarheid een misdaad. Pas maar op, je hebt volgens de Magistratuur de doodstraf verdient!

    Groet, Ad

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: